Met de honderdste verjaardag van Jan Naaijkens in zicht organiseert het Andreas Schotel Museum Esbeek – dankzij de hulp van de familie – een tentoonstelling met een keuze uit zijn beeldend oeuvre: grafisch werk en tekeningen. De expositie wordt op zondag 13 januari a.s. om 14.00 uurgeopend, waarvoor eenieder uitgenodigd is, en loopt tot en met 28 februari 2019.

Op 10 februari 2019 hoopt Jan Naaijkens eeuwling te worden. Als duizendpoot is Jan Naaijkens op vele terreinen bekend van onderwijzer tot radiopresentator, van schrijver tot verteller, van organisator van de Groot-Kempische Cultuurdagen tot toneelschrijver en regisseur. Voor velen is Jan een Brabander pur sang, of liever het prototype van de bourgondische Brabander, mede door de boeken Leer mij ze kennen … de Brabanders(1967) en Noord-Brabant in Grootvaders tijd 1870-1914(1978).

Zijn grote affiniteit met de beeldende kunsten is misschien minder gekend. Met veel kunstenaars zoals Rien van de Brink, Frans en Kees Mandos, Wim van de Plas, Henk Potters, Jan Willemen, Dirk Baksteen maar ook Andreas Schotel heeft hij contacten onderhouden. Meer dan eens opent of leidt hij tentoonstellingen in en voor diverse catalogi heeft hij teksten geschreven. Maar ook zelf is hij beeldend actief en misschien is er wel een beeldend kunstenaar aan hem verloren gegaan. Al op de lagere school tekent hij graag evenals zijn klasgenoot en vriend Janus Kluijtmans. Vader Jac. Naaijkens is timmerman, koster, organist, kaarsenmaker, gemeenteontvanger, maar ook drukker en uitgever van De Hilverbode. Zo komt hij thuis in aanraking met de ambachtelijke kant van het grafische vak en met de geur van drukinkt en bedrukt papier. Op de Bisschoppelijke Kweekschool in ’s-Hertogenbosch toont hij aanleg en snijdt er zijn eerste linosnede. In 1938 behaalt hij zijn diploma voor onderwijzer. In 1939 wordt hij als militair gemobiliseerd en komt o.a. in Roosendaal terecht, waar hij aanwijzingen krijgt van Gerrit de Morée (1909-1981), de latere docent aan de Academie St. Joost te Breda. Na de capitulatie keert hij naar Hilvarenbeek terug, waar hij thuis in de drukkerij aan De Hilverbodewerkt en in het verzet actief is met o.a. vriend Eugène van der Heijden. Aan de Tilburgse academie onder Henri Sicking volgt hij de opleiding voor de akte L.O. Tekenen, welke hij in 1941 behaalt. Vanwege zijn verzetsactiviteiten duikt hij onder in Amsterdam, op de zolder van De Wildeman bij kunstenaar Jan Tebben (1909-1978). In die periode tekent hij Amsterdamse stadsgezichten, vervaardigt prenten en exlibris in lino- en houtsneden en een reeks rijmprenten uitgegeven door zijn Sous-Marin Presse (Onderduik Pers). Terug in Hilvarenbeek verschuift zijn aandacht meer en meer naar schrijven, redigeren, toneelspelen en organiseren o.a. van de Groot-Kempische Cultuurdagen. Bij huwelijk en geboorte, ter illustratie van een verhaal of affiche van een voorstelling zorgt hij nog geregeld voor een passend beeld. Ook kalligrafeert hij oorkonden. Later is hij ‘vakantieschilder’ die vaardig reisschetsen van geziene landschappen, stads- en dorpsgezichten tekent. Jan Naaijkens is een ongrijpbare, culturele duizendpoot, misschien wel alleskunner of homo universalis, maar bij alles een levenskunstenaar.

Zijn  naam is verbonden aan de Jan Naaijkensprijs die door Het Noordbrabants Genootschap in 1982 is ingesteld en werd uitgereikt aan een persoon of instelling die voor het culturele leven in Noord-Brabant van belang was, terwijl de gemeente Hilvarenbeek op initiatief van Toneelgroep Maet hout Staet in 1997 de Jan Naaijkensring als culturele prijs tweejaarlijks toekent. Al bij leven heeft Jan Naaijkens een biografie Jan Naaijkens. Een leven in Brabant(2005) gekregen van de hand van journalist Theo Schouw. 

Peter Thoben, conservator 

Andreas Schotel Museum Esbeek (dagelijks open van 11.00 tot 16.00 uur, behalve maandag)

in Café Schuttershof

Dorpsstraat 2

5085 EG  Esbeek