Het jaar 2017 was met het winnen van de Brabantse Stijlprijs (zowel jury- als publieksprijs) op 18 mei een geweldige opsteker. Daar kwam in oktober de bekendmaking bij, dat de tweejaarlijkse Cultuurprijs van de gemeente Hilvarenbeek, de Jan Naaijkensring, door de jury aan de Stichting Vrienden van Andreas Schotel was toegekend. Op 21 januari 2018 vond in de goed gevulde zaal van het Cultureel Centrum Elckerlyc de officiële uitreiking plaats met een onderhoudend programma van toespraken, muziek en toneel. De Andreas Schotel Kunst- en Wandelroute werd genomineerd voor de Wandelgemeente van het jaar 2018, maar moest het tegen de gemeente Bronckhorst afleggen.

De aandacht voor de kunst- en wandelroute kreeg wel een extra dimensie door het werkbezoek van koning Willem Alexander aan Hilvarenbeek op 6 juni. Het in de aanbouw zijnde ‘bouwwerk’ De Melkfabriek werd bezocht en hij liet zich door ontwerper Hannes Verhoeven informeren. Een gebeurtenis, die vanwege de publiciteitsgolf rondom het bezoek veel nieuwsgierige bezoekers naar de kunst- en wandelroute en het museum bracht. Ondanks de lange, warme zomer vorderde de bouw van de kolossale houten koe met duizenden plankjes op een ijzeren frame voorspoedig, zodat De Melkfabriek op 16 september tijdens een nieuwe editie van het festival Park & Schotel onthuld kon worden. Het prachtige weer zorgde ervoor dat het een geslaagd festijn werd. Als nieuw initiatief op de wandelroute werd dit jaar een beeldentuin ingericht bij het beeld De Houthakker van Andreas Schotel gedurende de maanden juni t/m september met beelden van de Rotterdamse kunstenaars Olaf Mooij en Onno Poiesz. Daarnaast werd een werkgroep in het leven geroepen om plannen voor het project ‘Artist in residence’ uit te werken.

De jaarlijkse Culturele avond vond op 23 februari in café Schuttershof plaats. Na een terugblik op 2017 door het bestuur belichtte Jan van Helvoirt van de plaatselijke heemkundewerkgroep heden en verleden van de omgeving van het ven ‘De Broekeling’, waar een historische bijenschans door de vrijwilligersgroep De Bonte Spechten van Landgoed De Utrecht in 2017 was gebouwd. Imker Jos Römgens uit Esbeek wist veel wetenswaardigheden over de bijenhouderij te vertellen. Voor de aanwezigen was het een leerzame avond, die traditioneel besloten werd met het ruilen van de Schotel-etsen.

Om het museum voor het publiek aantrekkelijk te houden werden er dit jaar wederom vier wisseltentoonstellingen gehouden. Na het aflopen van de expositie Etsen van Jakob Smits (1855-1928) op 14 januari werd gestart met de tentoonstelling Magdaleen Rademaker. Een keuze uit de etsen (1924-2010), die van 20 januari t/m 15 april liep. Op de persoon Magdaleen Rademaker werd door Joke Rademaker-van den Broek die haar in haar laatste levensjaren had begeleid in een rondetafelgesprek op 2 maart teruggekeken. Hierna volgde de expositie Etsen van Andreas Schotel (1896-1984). Vrouw, moeder en kind (van 21 april t/m 24 juni 2018), die een uitwerking was van hetzelfde thema in het Museum De Dorpsdokter het jaar daarvoor tijdens het landelijk museumweekend. Op de expositie hierna werden zoals in 2015/2016 nogmaals tekeningen als ontwerp of voorstudie en etsen met eenzelfde thema naast elkaar geplaatst, vandaar de titel Andreas Schotel (1896-1984). Van schets naar ets 2 (van 30 juni t/m 7 oktober 2018). Dankzij een particuliere verzamelaar was het mogelijk om werk van een vooraanstaande Nederlandse graficus te tonen onder de titel Grafiek van Pieter Dupont (1870-1911). Tijdens de expositie (van 13 oktober 2018 t/m 10 januari 2019) verzorgde de conservator in het museum op zondag 11 november een lezing, waarin het belang van Pieter Dupont voor de Nederlandse grafiek werd toegelicht.

Door aankoop en schenking kon de museumverzameling uitgebreid worden met 11 etsen van Andreas Schotel en een reeks etsen van Rotterdamse grafici, te weten Gerard Bellaart, Jan Bezemer, Jo Brans, Antoon Derkzen van Angeren, Wout van Heusden, Joost Minnigh, Johan van Reede, Ellen Rouppe van der Voort, Wim Strörmann en Ed van Zanden. Van Herman Schotel werd de map Oorlog’s jammers aangekocht die door Bieshaar & Zoon Rotterdam in 1919 was uitgegeven.

Met de inventarisatie van de collectie werd voortgang geboekt, maar door de vele andere activiteiten toch minder voortvarend dan gedacht. Naar aanleiding van de exlibris-presentatie verscheen in ’t Kleppermenneke van mei het artikel Zoektocht achter een exlibris van Andreas Schotel over het exlibris, dat Schotel kort voor de oorlog voor de in Esbeek werkende onderwijzeres G. Beekmeijer vervaardigde. Voor uiteenlopende vragen op kunst- en grafiekgebied wist men meer dan eens de conservator te vinden. V

oor bestuur en vrijwilligers werd op zaterdag 27 oktober een uitstap gepland als dank-je-wel. Het bracht een groep van 20 personen naar Turnhout, naar het Nationaal Museum van de Speelkaart. Onder leiding van een deskundige gids werd een toer door het museum gemaakt. Na de lunch reed men terug naar Esbeek en werden de vorderingen van de inventarisatie van de collectie uit de doeken gedaan onder het genot van een drankje ter afsluiting.

In de pers zoals Brabants Dagblad, Brabants Landschap, De Hilverbode, ’t Kleppermenneke, De Recreant, Brabants Kempenmagazine, Fietsen Moet Kunnen, Wandelkrant Te Voet of Omroep Brabant werd aandacht aan museum en wandelroute besteed. Het aantal wandelaars dat zelfstandig de route loopt is enorm toegenomen, maar er zijn ook tientallen groepen voor begeleide uitleg ontvangen o.a. Schilderclub De Rietpen uit Bergeijk en de afdeling Eindhoven van de Orde van den Prince. Daarnaast hebben bestuursleden en vrijwilligers meegewerkt aan activiteiten in het programma van Camping de Spaendershorst, De Zomerschool, verschillende K.B.O.-verenigingen en NL Doet. Eveneens werden vrijwilligers ingezet om museum en wandelroute te promoten bij diverse zomer- en wintermarkten.

Met gepaste trots mogen wij vaststellen, dat het publiek niet alleen uit de regio, maar van steeds verder weg komt. Het gebeuren rondom het Andreas Schotel Museum en de Andreas Schotel Kunst- en Wandelroute heeft zich tot een levensvatbaar initiatief ontwikkeld met potentie voor de toekomst.

Peter Thoben, conservator

Op zaterdag 9 december 2017 heeft Exlibriswereld, de Nederlandse Vereniging voor exlibris en kleingrafiek, in het Andreas Schotel Museum een winterruildag georganiseerd. Om de aanwezige verzamelaars te verrassen hebben wij de exlibris van Andreas Schotel in wissellijsten gezet en geprobeerd achtergrondinformatie bij iedere exlibris te verzamelen. Het exlibris (wat letterlijk betekent ‘uit de boeken’) is een soort etiket dat als eigendomsmerk in boeken wordt geplakt. Het is gebruik om aan kunstenaars speciaal daarvoor opdrachten te geven. 

Zo zijn er in de museumcollectie twee exlibris op naam van G. Beekmeijer, maar voor wie heeft Andreas Schotel deze prentjes op naam gemaakt? Al vele malen ben ik op zoek gegaan naar een zekere Beekmeijer en heb daartoe allerlei genealogische informatie op internet doorgespit, maar zonder resultaat. Bij een hernieuwde poging vind ik bij toeval het volgende berichtje onder de kop ‘Nieuws uit Esbeek’ in de Nieuwe Tilburgsche Courantvan 16 augustus 1935: “Aan de R. K. school is benoemd als onderwijzeres mej. G. Beekmeijeruit Nijmegen.” Daarmee wordt het wel zeer aannemelijk, dat Schotel voor deze onderwijzeres het bewuste exlibris heeft gemaakt. Belangrijk is te weten, dat haar voorletters M.H.M. zijn, zoals in het boekje Basisschool De Wingerd. 140 jaar onderwijs in Esbeek(1983) door A.C. Soetens staat. Ook vermeldt het dat zij Joanna Catharina Maria Lauwers (1910-2006), de oudste dochter van schoolhoofd meester Jan Lauwers, is opgevolgd. Nadat mej. Lauwers op 28 december 1938 te Hilvarenbeek met de uit Best geboortige onderwijzer Joannes Maria Petrus Eijsbouts (1909-1992) is getrouwd, schijnt die in de plaats van mej. Beekmeijer aangesteld te zijn. In het adresboek van Nijmegen uit 1934 blijkt onderwijzeres M.H.M. Beekmeijer op het adres Van Spaenstraat 17 te wonen en als ze in september 1935 verhuist, woont ze te Esbeek D 38a.Ze keert in de tweede helft van februari 1939 uit Hilvarenbeek naar Nijmegen terug op het adres Van Slichtenhorststraat 24 volgens de Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courantvan 24 februari 1939. 

In Nijmegen treffen wij als enig gezin Beekmeijer reiziger Wilhelmus Franciscus Beekmeijer (1862-1932) en zijn vrouw Helena Maria Zuidberg (1876-1928) aan. Ze zijn op 1 mei 1902 te Groningen getrouwd. Ze wonen in Amsterdam en Arnhem. In maart 1924 ruilen ze Amsterdam voor Tilburg (Gasstraat 13 en later Nijverstraat 108) om in juni 1925 naar de Keizer Karelstad (Oude Haven 86, Lange Hezelstraat 74 en Stieltjesstraat 18a) te komen, maar er worden geen kinderen op hun gezinskaart vermeld noch in Tilburg, noch in Nijmegen. Ze overlijden na elkaar te Nijmegen. Toch krijg ik het vermoeden dat deze Beekmeijers wel eens de ouders van onderwijzeres Beekmeijer kunnen zijn, wat blijkt te kloppen. Wanneer de familie naar Nijmegen komt, zijn de twee kinderen op kostschool. Als ze naar thuis terugkeren, komen ze dan ook niet zelfstandig in het adresboek voor. In 1934 staat M.H.M. Beekmeijer, dus na de dood van haar vader, wel in het adresboek vermeld, maar niet meer in dat van 1940. Ze moet dan Nijmegen verlaten hebben. Op 25 augustus 1939 wordt te Schiedam Liselotte Josefa Margaretha Beekmeijergeboren, die als actrice bekendheid geniet en op 31 maart 1971 in het gemeenteziekenhuis te Arnhem jong overlijdt. Onder de overlijdensadvertentie staat Mevr. M.H.M. Beekmeijer te Oosterbeek genoemd naast Robert Roozemond (1933-2009), met wie Liselotte getrouwd is en 2 kinderen heeft, Wouter Pepijn en Jochem Feste. Roozemond begint in Oosterbeek Buro POK, een Instituut voor Kultuurpropaganda, dat vele iconententoonstellingen organiseert. Op Kasteel De Wijenburgh te Echteld maakt hij met zijn Iconencentrum en -kunsthandel naam tot het failliet gaat.

Deze Greet, Greta, Gré of Grietje (Margaretha Helena Maria) Beekmeijer is op 13 januari 1909 te Amsterdam geboren en heeft haar opleiding tot onderwijzeres genoten aan de Kweekschool St. Ursula te Boxtel. Ze wordt op 4 mei 1921 in het bevolkingsregister van Boxtel ingeschreven en zal op 18 juli 1927 weer worden uitgeschreven naar Nijmegen. Zowel De Maasbodevan 13 juni 1927 als Tilburgsche Courantvan 14 juni 1927 melden “dat voor akte L.O. is geslaagd M.H.M. Beekmeijer, Nijmegen”. Begin augustus 1932 slaagt ze ook te Utrecht voor de akte L.O. Engels zoals de Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Couranten De Gelderlandervan 4 augustus 1932 melden. Ze blijkt daarvoor opgeleid bij Fry’s Taalinstituut en wel bij directeur M.L. Roos, leraar M.O. in Nijmegen. Deze joodse, in Nijmegen geboren, ongehuwde Machiel Levi Roos (1887-1942) is vanaf september 1924 als leraar M.O. Engels actief en blijkbaar met de methode van Fred Fry’s Taalinstituut van Frederick Carl Meijerte Amsterdam. Als een van de eerste biedt het instituut taalcursussen op grammofoonplaat aan onder de naam Fry’s Phono Method. Roos woont met zijn moeder in de Van Dulckenstraat 18 en ze zullen in de oorlog op transport gesteld worden naar Auschwitz en er in de gaskamer omkomen.

Een jongere broer is Jan (Johannes Wilhelmus Franciscus) Beekmeijer, geboren op 25 mei 1914 te Amsterdam, die op het internaat van Instituut St. Jozef van de Barmhartige Zusters van de derde Orde van de H. Franciscus van Assisië, ook wel Franciscanessen, te Schin op Geul heeft gezeten van september 1923 tot juli 1925 (zie Harold en René Collaris, Instituut St. Jozef in Schin op Geul/Valkenburg. De jongens, de zusters en het personeel, Neerbeek/Landgraaf 2014, 34). In 1930 slaagt hij voor de mulo en legt in 1934 examens af voor Duitse, in 1935 voor Nederlandse en in 1937 voor Franse handelscorrespondentie. Als kantoorbediende wordt hij in het Nijmeegse adresboek van 1940 vermeld aan de Akkerlaan. In 1942 vertrekt hij naar Maastricht, waar hij in december 1942 trouwt met de in Maastricht geboren winkeljuffrouw Lieke Klinkhamers. Hij zal in mei 1979 te Rotterdam overlijden.

Wat uit het spoorzoeken naar voren komt, dat mej. Beekmeijer als ongehuwde moeder een kind krijgt in Schiedam, in ieder geval ver weg van Nijmegen. Daarna gaat ze het onderwijs te Amsterdam in, want in 1946 komt haar naam aldaar voor bij de commissie van beroep- en bezwaarschriften. Contacten met kunstenaar Andreas Schotel zullen in Esbeek ontstaan zijn, maar blijken er later ook nog te zijn, als Schotel twee versies van een exlibris voor een zekere Liselotte in de jaren 1950 maakt, welke misschien bedoeld is voor dochter Liselotte Beekmeijer. De puzzel past zo mooi in elkaar, maar je vraagt je wel af, hoe en waarom er contacten met haar zijn geweest en gebleven. Omdat het allemaal lang geleden is en M.H.M. Beekmeijer op 13 januari 1996 te Amsterdam overleden is, zal die vraag vooralsnog onbeantwoord blijven. Maar wellicht zijn er nog mensen, die toch meer weten, of zijn er nog schoolfoto’s waarop onderwijzeres Beekmeijer staat.

Peter Thoben,

Conservator

Vrienden van Schotel.

Terugblik op 2017

De Vrienden van Andreas Schotel kunnen terugkijken op een uitstekend jaar. Tijdens de jaarlijkse culturele vriendenavond op 17 maart werd het afgelopen jaar doorgenomen en Danny van Vliembergen tot bestuurslid benoemd. Thijs Caspers, medewerker van het Brabants Landschap, hield een boeiend en humorvol verhaal rond ‘De Tuin der Lusten’ van Jheronymus Bosch, waarna het ruilen van de Schotel-etsen plaatsvond. In april werd bekend, dat de wandel- en kunstroute was genomineerd voor de Brabantse Stijlprijs 2017 en dat het publiek op een van de vijf finalisten kon stemmen. Op 18 mei werd de winnaar van de juryprijs en publieksprijs in het Markiezenhof te Bergen op Zoom bekend gemaakt. De Vrienden van Schotel gingen met beide prijzen aan de haal; een glazen kunstbokaal en een cheque van € 2.500,- brachten ze mee naar Esbeek. Op 13 oktober tijdens Esbeek of the future. Een reis door de tijd ter gelegenheid van 10 jaar Coöperatie werd door burgemeester Ryan Palmen van Hilvarenbeek bekend gemaakt dat de jury de Jan Naaijkens Ring als tweejaarlijkse cultuurprijs van Hilvarenbeek aan de Vrienden van Andreas Schotel had toegekend. De officiële uitreiking ervan zal op 21 januari a.s. in cultureel centrum Elckerlyc te Hilvarenbeek plaatsvinden.

Alle activiteiten van zowel huiskamermuseum als buitenmuseum met wandel- en kunstroute droegen tot deze successen bij met name omdat er nog voldoende mogelijkheden voor de toekomst in het verschiet liggen. Na de afsluiting van de succesvolle expositie Dirk Baksteen (1886-1971), etser van de Kempen werden er dit jaar vier tentoonstellingen ingericht, te weten Vrouwen rond Schotel. Figuurstudies in kleur (21 januari t/m 23 april), Schotel en de Gasfabriek Rotterdam. Werken uit zijn studietijd (29 april t/m 16 juli), Schotel en het bos. Aquarellen en etsen (22 juli t/m 8 oktober) en Etsen van Jakob Smits (1855-1928) (14 oktober t/m 14 januari 2018). Tijdens het landelijke Museumweekend op 9 april 2017 was werk van Andreas Schotel in alle Beekse musea te zien:Observaties in het circus in Museum Dansant, De vrouw en het kind: de moeder in Museum Dorpsdokter, Rotterdamse stadsgezichten in Museum De Roos, Kerktoren en fabrieksschoorsteen in Torenmuseum en Boerenwerk in Boerderijmuseum Grutje. De opening vond in het museum plaats door burgemeester Ryan Palmen.

Met de inventarisatie van de collectie werd voortgang geboekt en de museumverzameling kon door aankoop en schenking worden vergroot met een onbekende map met 6 etsstudies uit 1921, 1 tekening en 16 etsen van Andreas Schotel, 1 ets van Antoon Derkzen van Angeren en 4 houtsneden van Jan Naaijkens. Daarnaast kon de documentatieverzameling o.a. met brieven en foto’s worden uitgebreid. Over de tentoonstellingen, aanwinsten en collectie rapporteerde de conservator met regelmaat in ’t Kleppermenneke. Het museum kon met twee nieuwe vitrines worden uitgerust, die door leerlingen van het Summacollege te Eindhoven waren vervaardigd.

Om de wandel- en kunstroute verder aan te kleden werd er een rusthuisje in de nabijheid van boerderij De Koekoek geplaatst. Ook werden er plannen en een maquette voor een nieuw ‘beeld’, of liever bouwwerk, gemaakt. Hannes Verhoeven hoopt in de loop van 2018 over te kunnen gaan tot de uitvoering van de ‘Melkfabriek’ in de vorm van een kolossale koe, waarin het proces van gras tot melk en consumptie op educatieve wijze ‘beleefd’ kan worden.

En dan te bedenken, dat alle activiteiten rondom het Andreas Schotel-verhaal onder leiding van een onbezoldigd bestuur en een grote groep vrijwilligers tot stand worden gebracht. Om waardering uit te spreken voor ieders bijdrage werd op 18 november een vrijwilligersuitstap naar het Glazenhuis in Lommel met museum en glasblaasatelier gemaakt met een lunch en drankje.

Maar het grootste compliment was en is, dat het publiek in grote getale museum en wandelroute wist en weet te vinden. Niet alleen individueel of in klein gezelschap liep men de route, maar ook werden er vele groepen met een begeleide rondleiding ontvangen. Een speciaal karakter hadden de opening van het museumweekend door burgemeester Palmen op 9 april, de opening van de tentoonstelling van Jakob Smits door gedeputeerde Erik van Merriënboer op 15 oktober en de ruildag van de Exlibriskring op 9 december. Alle gebeurtenissen en activiteiten vonden hun neerslag in de sprekende en schrijvende pers van Omroep Brabant tot Brabants Dagblad, De Hilverbode en ’t Kleppermenneke. Een jaar om met voldoening op terug te blikken, maar het afgelopen jaar geeft tevens energie en moed om op de ingeslagen weg verder te wandelen.

Peter Thoben, conservator

Stichting Vrienden van Andreas Schotel

Dorpsstraat 2, 5085 EG, Esbeek | 06 23 154 233 | info@andreasschotel.nl

De Vrienden van Andreas Schotel wordt gesteund door:

Concept, ontwerp & realisatie website: Pulles Media Design