Het Museum

In mei 2009 is het Andreas Schotel museum geopend. Het is gevestigd in het pand van café Schuttershof aan de Dorpsstraat in Esbeek. Het is een onderdeel van het project "de Dorpshuiskamer", waarmee Esbeek in 2009 de hoofdprijs won in de leefbaarheidswedstrijd van de Provincie Noord Brabant.

Het museum wordt beheerd door de Stichting Vrienden van Andreas Schotel die zich ten doel heeft gesteld het werk van Schotel voor de toekomst te bewaren en het voor een breder publiek toegankelijk te maken.

Het museum heeft wisselende exposities van de werken van Andreas Schotel en van andere kunstenaars. Ook treft u hier het schoonmaakwerktuig "de Mari" en de authentieke drukpers aan. 

De huidige tentoonstelling loopt vanaf 15 oktober 2016 t/m 15 januari 2017:

Dirk Baksteen (1886-1971), etser van de Kempen

Museumgeschiedenis

Op 17 mei 2009 wordt in Esbeek het Andreas Schotel Museum geopend. Het bescheiden museum heeft een intieme sfeer en maakt deel uit van de dorpshuiskamer van café Schuttershof.  Met het stoppen van de laatste café-eigenaren, de familie Smolders, ziet het er in 2007 naar uit, dat het dorp Esbeek niet langer een horecavoorziening meer zal hebben. De inwoners van het dorp nemen het heft in eigen handen en stichten de Coöperatie Esbeek om het pand met café en parochiezaal voor het dorp te behouden. Naast de aandelen die circa 300 bewoners in de coöperatie nemen, heeft het winnen in 2009 van de Brabantse Dorpenderby – bedoeld om de leefbaarheid in de kleine Brabantse kernen te verhogen – met een geldbedrag van €50.000 de plannen rondom de vestiging van het museum in de dorpshuiskamer en de start van een wandelroute – aanvankelijk geïnitieerd door de Werkgroep Heemkunde Esbeek, maar niet ten uitvoer gekomen – gemakkelijker helpen realiseren.

Maar de vraag is waarom er nu juist een Andreas Schotelmuseum in Esbeek is? Beeldend kunstenaar Andreas Schotel raakt na zijn mobilisatie in Goirle en Baarle-Nassau en sinds zijn eerste verblijf op landgoed De Utrecht in 1919 verliefd op het Brabantse landschap. In 1924 – hij is inmiddels getrouwd – weet hij het voor elkaar te krijgen dat er een voormalig houten tuinhuisje in het bos tegenover de houtvesterswoning van de Oranjebond van Orde geplaatst mag worden om daar jaarlijks de zomers door te brengen. De overwegend agrarische bevolking beziet hem aanvankelijk met enig wantrouwen omdat hij ‘anders’  is als niet-katholieke, stadse mens uit Rotterdam. Daarnaast is hij kunstenaar, een beroep waar ze nauwelijks benul van hebben en wellicht nutteloos vinden, en hij leest de communistische krant De Waarheid. Toch groeit er in de loop van jaren steeds meer vertrouwen tussen de Esbeekse bevolking en de kunstenaar. Zo raakt hij de jaren twintig goed bevriend met de hoofdonderwijzer Lauwers die hem ook opdrachten voor illustraties en diploma’s toeschuift. Met een aantal boeren, waar hij water haalt en mondvoorraad koopt, onderhoudt hij goede contacten.  Ook in de naburige dorpen heeft hij vrienden. Het ligt in de lijn van de verwachting dat hij door de jarenlange aanwezigheid steeds meer een vertrouwde verschijning in het dorp is geworden en bij Esbeek is gaan horen, waarbij zijn solotentoonstellingen van zijn werk in Noord-Brabant natuurlijk positief meewerken.

Bij de jongere generatie rijpt eind jaren zeventig het idee om de Brabantse etsen van Schotel waarvoor de omgeving van Esbeek en de mensen uit het dorp model hebben gestaan, voor de lokale gemeenschap zeker te stellen, waarbij nostalgische sentimenten ongetwijfeld een rol hebben gespeeld. Immers infrastructuur en landschap veranderen sterk door toegenomen mobiliteit en ruilverkaveling.  Naar analogie van de inmiddels populaire kunstuitleenformule impliceert het plan dat ze etsen van Schotel aankopen en tegen een vergoeding uitlenen. Nadat de eerste stappen genomen zijn, wordt op 15 maart 1981 officieel de Stichting vrienden van andreas Schotel opgericht.

Het spreekt voor zich dat bij de eerste bijeenkomsten om etsen te wisselen Andreas Schotel, zijn vrouw Mies Schotel – Gips en Magdaleen Rademaker als eregasten worden uitgenodigd en aanwezig zijn. Na Schotels dood blijven Mies Schotel en Leen Rademaker komen. Deze erkenning en waardering streelt natuurlijk de ijdelheid van de kunstenaar met als gevolg dat Schotel uit erkentelijkheid al in 1980 het ontwerp voor het beeld ‘De Houthakker ‘ aan Esbeek aanbiedt. De zogeheten Schotelavonden, die meestal in het voorjaar worden gehouden zijn nog steeds een succes.

Wanneer na de dood van Mies Schotel-Gips in 1991 het sterk vervallen zomerverblijf “de Schuttel” dreigt te verdwijnen springt Magdaleen Rademaker samen met de Esbeekse Schotelvrienden in de bres voor behoud.  Uiteindelijk kan het huisje met subsidie van de gemeente Hilvarenbeek en met medewerking van het Brabants Landschap – sinds 1976 eigenaar van de grond – en de heemkundekring verplaatst en gerestaureerd worden, zodat het in 2000 in volle glorie heropend kan worden.

Het feit dat het behoud van de Schuttel dankzij de Vrienden van Schotel gelukt is, leidt er vanzelf toe dat de contacten van de van nature achterdochtige Leen met de Esbeekse vrienden geïntensiveerd worden. Mede door haar vergevorderde leeftijd beseft zij dat voor haar in 1986 geopende Schotel Museum in Rhoon wel eens een toekomst in Brabant c.q. Esbeek kan liggen, nadat pogingen om de museuminhoud elders onder te brengen steeds zijn gestrand. Na wikken en wegen neemt zij de volgende belangrijke stap: niet haar familie maar de Stichting Beheer en Behoud van Kunstwerken Proost en Schotel worden haar enig erfgenaam. In deze stichting zijn naast Magdaleen Rademaker ook Piet Verhoeven en Ad van Rijswijk toegetreden.

In maart 2007 dringt ze er op aan dat alle kunst en documentatiemateriaal uit het museum in Rhoon professioneel naar Brabant wordt overgebracht. De kunst wordt opgeslagen in Oisterwijk en door De Tiendschuur te Tilburg gefaseerd ontschimmeld en zo nodig gerestaureerd.

Inmiddels wordt door Coöperatie Esbeek Schuttershof te Esbeek verbouwd en wordt tevens aan de inrichting van het museum en van het museumdepot annex werkruimte gewerkt

Met als gevolg dat op 17 mei 2009 in Esbeek het Andreas Schotel museum officieel werd geopend.

Bekijk afbeeldingen